Privaat toezicht en lagere leges: Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

Op 21 februari 2017 heeft de Tweede Kamer het wetsvoorstel wet kwaliteitsborging voor het bouwen aangenomen. De eerste kamer zal het wetsvoorstel op 4 juli 2017 gaan behandelen. De wet heeft als doel om voor bepaalde categorieën bouwwerken op technische aspecten niet langer een beoordeling door het bevoegd gezag maar door een private partij te laten behandelen. Daarnaast wordt de privaatrechtelijke positie van opdrachtgevers versterkt. De geplande inwerkingtreding is 1 januari 2018.

Door het nieuwe wetsvoorstel zal de gemeente controleren of een aannemer werkt met een goedgekeurde methode voor kwaliteitsborging. De gemeente hoeft voor kleine nieuwbouwprojecten en voor kleine verbouwingen niet langer zelf te toetsen aan het Bouwbesluit 2012. Deze verantwoordelijkheid ligt bij de aannemer en de private partij die de kwaliteitsborging uitvoert, de kwaliteitsborger. De kwaliteitsborger heeft de verantwoordelijkheid om te zorgen dat het bouwwerk voldoet aan de eisen uit het Bouwbesluit 2012. Hiermee wordt de verantwoordelijkheid voor de kwaliteitseisen gelegd bij de private partijen. Steekproefsgewijs zal een toezichtsorgaan, de toelatingsorganisatie, controles uitvoeren of de gebruikte kwaliteitsinstrumenten voldoen en of de kwaliteitseisen gehaald worden.

Aannemers die al met een pilot hebben meegedaan zijn positief over het voorstel. Doordat de verantwoordelijkheid bij de aannemers ligt, kunnen ze preciezer aansturen in een vroeg stadium. Daarnaast vallen de kwaliteitscontroles te implementeren in de planning van de bouw. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) is echter kritischer. De VNG wil graag dat er een verklaring wordt overgelegd door de kwaliteitsborger alvorens de oplevering plaatsvindt. Daarnaast wil de VNG graag dat er vooraf een risicoanalyse plaatsvindt en achteraf een rapportage wordt overgelegd.

Voor de gemeenten zal het betekenen dat een deel van de toetsing bij een vergunningaanvraag niet plaats zal vinden.  De verwachting van de minister is dat hierdoor de leges voor aanvragen waarop de wet van toepassing is lager zullen uitvallen. De minister verwacht dat door een bestuursakkoord deze leges zullen dalen.

Ten slotte zullen doordat de verantwoordelijkheid voor de kwaliteitsborging bij de aannemer en de kwaliteitsborger komen te liggen, ook de mogelijkheden voor de opdrachtgever om de aannemer aan te spreken op de kwaliteit van het bouwwerk worden verruimd.

Wilt u meer weten over de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, neem dan contact op met Paul de Lange (T: 071-5358020; E: delange@tk.nl).

20/6/2017