Aanpassing IGZ-melding ontslag wegens disfunctioneren & Richtlijn melden geweld in de zorgrelatie


De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) is – kortgezegd – belast met het toezicht op zorginstellingen. Om toezicht te kunnen houden, rust op zorginstellingen onder andere de verplichting om in bepaalde situaties een melding te doen bij de IGZ. Dit volgt uit de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz). Artikel 11 lid 1 Wkkgz bepaalt dat een zorgaanbieder onverwijld melding doet van:

  1. iedere calamiteit die bij de zorgverlening heeft plaatsgevonden;
  2. geweld in de zorgrelatie;
  3. de opzegging, ontbinding of niet-voortzetting van een overeenkomst (een arbeidsovereenkomst of overeenkomst van opdracht) met een zorgverlener op grond van zijn oordeel dat de zorgverlener ernstig is tekort geschoten in zijn functioneren.

De IGZ heeft onlangs twee interessante documenten gepubliceerd met betrekking tot deze meldingsplichten. De documenten worden in dit artikel besproken en toegelicht.

Vernieuwd meldformulier ontslag wegens disfunctioneren

Aanleiding voor het nieuwe formulier is dat het oude formulier bij veel meldingen geen compleet overzicht gaf om snel tot een beoordeling van de situatie en de risico’s voor de veiligheid van patiënten te komen, aldus de IGZ. Daardoor moest de IGZ vaak aanvullende informatie opvragen bij de betreffende zorginstelling. Dergelijke vertraging in de behandeling van de melding in geval van ernstig disfunctioneren is uiteraard ongewenst. Ter verbetering en versnelling van het beoordelingsproces heeft de IGZ daarom het meldformulier uitgebreid met een aantal extra vragen die betrekking hebben op de periode van voor het ontslag. Daardoor kan de IGZ de ernst van de situatie beter inschatten en voorkomt het onnodige (administratieve) handelingen doordat er in één keer uitgebreider wordt gemeld.

De nieuwe vragen op het meldformulier zien op de acties die de bestuurder van de zorginstelling heeft ondernomen voorafgaand aan het ontslag om het functioneren van de zorgverlener te bespreken en te verbeteren. Ook wordt er om een nadere toelichting van de ontslagredenen gevraagd. Het is belangrijk de antwoorden op deze vragen zorgvuldig te formuleren, aangezien hier de gezondheidsrechtelijke aspecten en de arbeidsrechtelijke aspecten samenkomen.

Het ontslag van de zorgverlener moet op grond van artikel 11 Wkkgz onverwijld worden gemeld. Maar wat is nu onverwijld? In de toelichting op het Uitvoeringsbesluit Wkkgz is opgenomen dat er moet worden gemeld zodra duidelijk is geworden dat een zorgverlener vertrekt of zal vertrekken wegens het oordeel over diens functioneren. Volgens de IGZ betekent dit dat het ontslag moet worden gemeld binnen drie werkdagen nadat de zorginstelling het ontslag heeft aangezegd aan de zorgverlener of nadat de zorgverlener zelf ontslag heeft genomen. De termijn van drie dagen vangt dus al aan op het moment dat aan de zorgverlener is meegedeeld dat de zorginstelling afscheid van hem wil nemen wegens het disfunctioneren. Het meldingsmoment is daarmee dus veelal gelegen voordat een eventuele vaststellingsovereenkomst wordt gesloten of een ontbindingsverzoek bij de kantonrechter wordt ingediend.

Richtlijn onderzoeksrapportage geweld in de zorgrelatie

Wanneer sprake is van geweld in de zorgrelatie dient een zorgaanbieder daarvan melding te doen bij de IGZ, gelet op artikel 11 lid 1 sub b Wkkgz. Onder geweld in de zorgrelatie wordt in de Wkkgz het volgende verstaan: “seksueel binnendringen van het lichaam van of ontucht met een cliënt, alsmede geweld jegens een cliënt, door iemand die in dienst of in opdracht van een instelling of opdrachtnemer van een instelling werkzaam is, dan wel door een andere cliënt met wie de cliënt gedurende het etmaal of een dagdeel in een accommodatie van een instelling verblijft”. Ook deze melding dient onverwijld (binnen drie werkdagen) te worden gedaan via het meldformulier  op de website van de IGZ. Is nog niet duidelijk of er sprake was van geweld in de zorgrelatie? Dan heeft de zorginstelling zes weken de tijd om dit vast te stellen. Bestaat er na die zes weken nog steeds twijfel, dan raadt de IGZ aan alsnog melding te doen. Het niet of niet tijdig melden kan namelijk gesanctioneerd worden met een bestuurlijke boete.

De zorginstelling moet de melding vervolgens laten onderzoeken door een onafhankelijke en deskundige commissie. In de door de IGZ gepubliceerde richtlijn  staat wat in dit onderzoek en de bijbehorende rapportage aan de orde moet komen. De IGZ noemt onder meer de wijze waarop het onderzoek is verricht, de te nemen verbetermaatregelen en een beschrijving van de nazorg die is verleend aan de betrokkene(n). Onderzoekscommissies en zorginstellingen doen er goed aan deze richtlijn als uitgangspunt aan te houden bij het doen van het onderzoek en het opstellen van de onderzoeksrapportage. Leg de richtlijn daarom naast uw eigen protocol of beleid op dit punt en ga na of deze aansluit op de richtlijn. Op die manier zorgt u er voor dat het onderzoek in één keer op de juiste wijze wordt uitgevoerd en gerapporteerd.

Meer informatie

Mocht u verder nog vragen hebben, dan kunt u contact opnemen met Liesbeth Mol (T: 071-5358064 of E: mol@tk.nl) of Roos Tijssen (T: 071-5358064 of E: tijssen@tk.nl).

23/8/2017
door Liesbeth Mol
Liesbeth Mol

Liesbeth Mol

Advocaat

Advocaat arbeidsrecht in de zorg met praktische aanpak en ervaring vanuit verschillende adviesrollen. Specifiek aandachtsgebied: integriteit en klokkenluiden.

Sector: Publieke sector

CV via LinkedIn

T +31 71 - 535 80 64
E mol@tk.nl